Trein naar Oostende
Eén.Je zit op een trein. Twee.Je sluit je ogen en probeert te ontspannen. Drie.Je rijdt sneller & sneller. Vier.Je denkt aan wat komen gaat.De opbouw: standhouders, technici, wegwijzers, telefoons.Het congres: volk aan de inkom, drukte in de beurshal, volle zalen, hitte.De taakverdeling: onthaal, foto’s, de zalen, de beurs & jij van alles een beetje & vooral al wat niet voorzien kan worden. vijf.Buiten torenen windmolens … Lees verder Trein naar Oostende
